Knieblessure

Knieblessures zijn een probleem waar we in de sportfysiotherapie veelvuldig mee te maken krijgen. Knieklachten zijn, na rug- en nekkachten, de meest voorkomende klachten aan het houding- en bewegingsapparaat. Bij het ontstaan van een knieblessure kan vaak het onderscheid gemaakt worden tussen traumatische- en niet traumatische blessures. Op deze pagina zullen we u informeren over letsels aan de knie die zich kenmerken door een acuut, traumatisch moment van ontstaan en knieblessures die ontstaan door overbelasting.

Anatomie kniegewricht

Het kniegewricht bestaat uit 2 scharnierende bot delen: het dijbeen (femur) en scheenbeen (tibia). Midden in de knie liggen de twee kruisbanden: een voorste en een achterste kruisband. De voorste kruisband heeft 2 functies: voorkomen dat het onderbeen tijdens bewegen te ver naar voren schiet en beperken van te grote draaibewegingen in de knie. De functie van de achterste kruisband is het voorkomen van het naar achter schuiven van het onderbeen en het overstrekken van de knie.

Op het tibia liggen beide menisci, de functie van de menisci is het begeleiden van de buig- en strekbeweging het meer ronde bovenbeen over het vlakke onderbeen, het stabiliseren van de knie en ze fungeren als een soort schokdemper.

Aan de buiten en binnenkant van de knie liggen respectievelijk de buitenste (laterale) en binnenste (mediale) knieband. De voornaamste functie van deze banden is het waarborgen van zijwaartse stabiliteit.

Anatomie knie

Letsel aan bovengenoemde structuren van de knie kan op verschillende manieren ontstaan. Hieronder worden de meest voorkomende knieblessures en symptomen uiteengezet.

Voorste kruisband letsel

Een veel voorkomende knieblessure is een blessure aan de kruisbanden. We kunnen hierbij onderscheid maken tussen de voorste en de achterste kruisband.

Letsel aan de voorste kruisband is de meest voorkomende kruisband blessure. Het risico voor het ontstaan van voorste kruisband letsel is het hoogst bij jonge mensen tussen de 15 en 40 jaar die een pivoterende sport beoefenen, zoals basketbal, voetbal, handbal, hockey en skiën. Jaarlijks loopt meer dan 3% van de amateursporters een voorste kruisband letsel op. Bij topsporters kan dit, afhankelijk van de soort sport, zelfs oplopen tot boven de 15%.

De oorzaak van een gescheurde kruisband is een geforceerd zwik-, draai en/of overstrekbeweging van de knie. Bij het scheuren (ruptuur) van de kruisband ervaart men meestal een “krak / knak / plop” in de knie met een doorzak gevoel. De knie zwelt in de meerderheid der gevallen snel op en vaak zijn andere structuren ook beschadigd, zoals kraakbeen, meniscus of zijbanden van de knie.

Achterste kruisband letsel

Letsel aan de achterste kruisband ontstaat vaak door een hevige van de voorkant inwerkende kracht op het onderbeen bij een gebogen knie. Denk hierbij aan een frontale botsing in de auto (dashboard-trauma) of een harde tackle. Daarnaast kan er letsel ontstaan bij het overstrekken van de knie tijdens een landing. Zelden gaat letsel aan de achterste kruisband gepaard met duidelijke symptomen; in sommige gevallen ervaren mensen het gevoel dat de knie gemakkelijk overstrekt en is een zichtbare bloeding in de knieholte waarneembaar. In tegenstelling tot de voorste kruisband, kan de achterste kruisband in sommige gevallen uit zichzelf herstellen. In overleg met een orthopedisch specialist zal de beste behandelstrategie worden gekozen.

Meniscus letsel

Een ander veel voorkomende knieblessure komt voor via de meniscus. Meniscus letsel komt op twee manieren voor, door een acuut draai- of zwikmoment van de knie en bij een oudere populatie (>45 jaar) ten gevolge van degeneratie van het gewricht.

Het belangrijkste symptoom van meniscusletsel is pijnklachten ter hoogte van de buitenste of binnenste gewrichtsspleet tijdens belasten van de knie. Dit gaat soms gepaard met zwelling van de knie en eventuele klachten (m.n. tijdens hurken).

In enkele gevallen gaan de klachten gepaard met mechanische symptomen zoals slotklachten, of knakken in de knie. Niet alle meniscusblessures worden geopereerd, zeker bij een oudere populatie (>45 jaar) moet kritisch gekeken worden naar de indicatie voor een meniscusoperatie.

Knieband letsel

Letsel aan de buitenste of binnenste knieband ontstaat vaak door een geforceerd zwik-, draai en/of overstrekmoment en komt daarom vaak voor in combinatie met een voorste kruisband blessure. Daarnaast kan een hevige inwerkende kracht op de buiten of binnenzijde van het been zorgen voor schade van de kniebanden. Een blessure aan de kniebanden gaat vaak gepaard met pijn ter hoogte van de knieband, soms in combinatie met zwelling. Wanneer de knieband ernstig beschadigd is, wordt de knie instabiel en kan iemand zwikneigingen ervaren tijdens belasten van de knie.

Knieschijf gerelateerde klachten

De knieschijf en het hieraan gekoppelde ‘patellofemorale gewricht’ heeft een belangrijke rol bij het overdragen van krachten van het bovenbeen naar het onderbeen. Knieschijf gerelateerde pijn- en instabiliteitsklachten komen voornamelijk voor bij jeugdigen en jong volwassenen. Deze klachten worden geduid onder de medische term ‘patellofemoraal pijnsyndroom’. Het patellofemoraal pijnsyndroom is een complex beeld van pijnklachten rondom de knieschijf dat veroorzaakt wordt door de aanwezigheid van een aantal factoren. Overbelasting wordt in de literatuur vaak beschreven als belangrijke component. Daarnaast wordt een verminderde motorische aansturing van de knie, als onderdeel van de beweegketen, vaak als factor beschreven.

De pijnklachten treden vaak op bij activiteiten als staan, lopen, traplopen, fietsen, hurken, maar ook bij lang zitten met gebogen knieën. Naast de ervaren pijnklachten kan de knie ook knakken, kraken of het gevoel van instabiliteit geven.

Kniepees klachten (Jumpers knee)

De kniepees komt voort uit de dijbeen spier en hecht vast op het scheenbeen. Kniepeesklachten komen vaak voor bij sporten met repeterende sportbelasting zoals volleybal of basketbal en kunnen het gevolg zijn van een (tijdelijke) overbelasting of een verstoring in de controle van functionele beweegpatronen. Klachten aan de kniepees worden vaak ook geduid als een ‘jumpers knee’, de medische benaming hiervoor is een patellatendinopathie.

De ervaren pijnklachten bevinden zich voornamelijk aan de onderzijde van de knieschijf in het verloop van de pees naar het onderbeen. Daarnaast wordt er regelmatig stijfheid of startpijn ervaren en wordt er soms een zwelling waargenomen.

De ervaren pijnklachten kunnen worden ingedeeld in vier stadia die kenmerkend zijn voor peesblessure in het algemeen:

  1. Pijn/stijfheid na inspanning;
  2. Pijn ook bij warming-up;
  3. Pijn tijdens hele inspanning;
  4. Pijn dag na inspanning en bij dagelijkse activiteiten.

Iliotibiale Band Syndroom (Runners knee)

De iliotibiaal band (ITB), ook wel tractus iliotibialis genoemd, is een peesband aan de buitenzijde van het bovenbeen die van het bekken naar het onderbeen loopt. Een knieblessure aan deze peesstructuur is veelvoorkomend bij hardlopers en wordt daarom ook wel een ‘runners knee’ genoemd. De medische benaming voor deze blessure betreft het ‘Iliotibiale Band Syndroom (ITBS)’.

Het Iliotibiale Band Syndroom wordt gekenmerkt door inspanningsgerelateerde pijnklachten die zich bevinden aan de buitenzijde van de knie. Welke weefselstructuur exact verantwoordelijk is voor de pijnklachten is nog niet volledig helder, maar er lijkt in de wetenschappelijke literatuur steeds meer overeenstemming te zijn dat compressie van het vetweefsel tussen het bovenbeen en de iliotibiale band de pijn veroorzaakt.

Een aantal onderliggende factoren kunnen het ontstaan en de instandhouding van deze knieblessure veroorzaken waarbij er onderscheid gemaakt kan worden tussen intrinsieke factoren (lichaam gerelateerd) en extrinsieke factoren (taak en omgeving gerelateerd). Intrinsieke factoren kunnen hierbij een samenhang hebben met de anatomie van het been of een aanwezige dysbalans in spiercontrole en spierkracht wat een negatief effect heeft op de kwantiteit en kwaliteit van specifieke beweegpatronen.